Marlot Anna Cruiming

Hoe nét afgestudeerden een burn-out krijgen (of voorkomen)

Gepubliceerd op 1656

Heb je na jaren keihard zwoegen eindelijk dat papiertje, beland je thuis op de bank met een burn-out. Hoe komt het dat steeds meer jongeren tussen de 25 en 35 overspannen thuis zitten? In dit artikel lees je de belangrijkste oorzaken en oplossingen voor een burn-out.

Gun jezelf de tijd om aan je nieuwe leven te wennen

Misschien was je tijdens je studie wel een van de uitblinkers en had je tegelijkertijd een bruisend sociaal leven, maar besef dat het werkende leven behoorlijk van je studententijd verschilt. Stel daarom realistische doelen en begin niet gelijk met torenhoge verwachtingen. Het is ook helemaal niet erg om hulp te vragen van een ouder en meer ervaren persoon. Wellicht heb je op je werk al een buddy/mentorsysteem? Anders kun je een oudere ervaren collega vragen om af en toe samen te gaan zitten.

Te veel leuke dingen, te veel keuzes

Te veel keuzes hebben leidt tot stress, zo stelt hoogleraar innovatie Philippe Despaul in het Algemeen Dagblad. En juist net afgestudeerde jongeren hebben met een ongelooflijke hoeveelheid keuzes te maken. Dat hoeven trouwens echt niet allemaal life changing beslissingen te zijn, juist de kleine keuzes (Wat ga ik eten? Waar ga ik vanavond naartoe? Welke collega’s vraag ik om hulp?) zorgen voor een overload. Probeer daarom wat (voor veel jonge mensen een vies woord) regelmaat in je leven in te bouwen. Bijvoorbeeld door een vaste ochtendroutine en van tevoren al te bepalen wat je de komende dagen gaat eten. Juist door een aantal keuzes vooruit te plannen, hoef je je op het moment zelf minder zorgen te maken.

Als een vogeltje in een kooitje

Na jaren min of meer ‘vrij’ geleefd te hebben als student, voelt het voor veel afgestudeerden gek om ineens een 9-tot-5-baan te hebben. Misschien vind je het fantastisch om het grootste deel van je leven onder een systeemplafond door te brengen, misschien ren je na een paar maanden al gillend weg. Maar zo extreem hoeft het natuurlijk niet te zijn. Veel werkgevers zijn best bereid om met je mee te denken wanneer je een goed alternatief voorstelt. Zo zou je bijvoorbeeld een dag of twee per week kunnen thuiswerken. Of vragen om aangepaste werktijden.