Carrièretips & nieuws

Capteur

Werknemers zelf arbeidsvoorwaarden laten kiezen drukt personeelskosten

Gepubliceerd op

Dit blijkt uit onderzoek onder 636 bedrijven in 17 landen door Mercer Marsh Benefits, een vooraanstaand mondiaal adviesbureau, waarvan de belangrijkste resultaten en conclusies vandaag in een persbericht wereldkundig werden gemaakt.
 
De verwachte kosten wordt door 82 procent van de werkgevers in Europa, het Midden Oosten en Afrika genoemd als reden om niet aan een vrijekeuzeprogramma te beginnen. Volgens Mercer is dit argument ongegrond: 43 procent van de ondervraagde bedrijven stelt geld te besparen en 23 procent aangeeft in ieder geval niet duurder uit te zijn. De hoge ingeschatte kosten is niet het enige waar bedrijven tegenop zien: 81 procent vreest ook voor administratieve rompslomp.
 
Werknemers zien een vrijekeuzeprogramma wel zitten: 76 procent van de werknemers reageert positief op de mogelijkheid om zelf de secundaire arbeidsvoorwaarden samen te stellen.
 
Van de West-Europese bedrijven laat 60 procent werknemers tot op zekere hoogte zelf de arbeidsvoorwaarden kiezen. Keuzeprogramma’s zijn het populairst in Spanje, Groot-Brittannië en Polen. Hoe groter het bedrijf, hoe vaker de werknemers hun secundaire arbeidsvoorwaarden kunnen kiezen, blijkt uit het onderzoek.
 
Volgens Peter Abelskamp, consultant bij Mercer Marsh Benefits, hangt de mate waarin bedrijven keuzes bieden in arbeidsvoorwaarden sterk samen met de rol die de overheid zich aanmeet en nemen bedrijven in landen met een goed ontwikkeld vangnet minder initiatief op dit gebied. “Tot de arbeidsmarkt krapper wordt – dan moeten ze zich aan de voordeur onderscheiden van de concurrentie. En aan de achterdeur wordt talentbehoud belangrijker,” aldus Abelskamp. Volgens Abelskamp verklaart dit waarom er bij Nederlandse bedrijven de afgelopen jaren pas grote ontwikkelingen op dit gebied zijn geweest: “De overheid trekt zich terug en de beroepsbevolking vergrijst.”
 
Wat veruit het vaakst wordt aangeboden als vrijekeuzearbeidsvoorwaarde is gesubsidieerde kinderopvang en buitenschoolse opvang. Behalve in Nederland. 64 procent van de Britse en 59 procent van de Spaanse werkgevers biedt dit als keuzemogelijkheid; in Nederland slechts 5 procent.
 
Abelskamp: “We verwachten dat gesponsorde kinderopvang ook in Nederland vaker zal worden aangeboden. Kinderopvang is veel duurder geworden, en fiscale voordelen worden beknot. Kinderopvang begint te tellen als incentive.”