Carrièretips & nieuws

Capteur

Helft van vrouwelijke ondernemers is zzp’er

Gepubliceerd op


De cijfers gaan over 2011. 61% van de mannelijke ondernemers heeft een eenmanszaak, tegenover 56% van de vrouwelijke ondernemers. Tijdens het vorige meetmoment, in 2007, was dit nog respectievelijk 53% en 49%.

Het grootste verschil tussen mannelijke en vrouwelijke ondernemers is de bedrijfsgrootte. Hoewel bij beide groepen het aantal bedrijven met personeel is afgenomen ten opzichte van 2007, hebben 44% van de vrouwen en 39% van de mannen personeel in dienst. 
Van de vrouwelijke beroepsbevolking is ongeveer 7% ondernemer. In 2011 telde Nederland ruim 2,1 miljoen ondernemers, 32% hiervan was vrouw.
 
Opleiding
Van de vrouwelijke ondernemers heeft 38% een hogere opleiding gedaan, HBO of WO. In 2007 was dit 37%. Bij de mannelijke ondernemers is dit meer gestegen, namelijk van 36% in 2007 naar 39% in 2011.

De vrouwelijke ondernemers zijn eigenlijk in alle sectoren te vinden, maar ze zijn het meest aanwezig in de sectoren handel en reparatie, onderwijs, openbaar bestuur, zorg en zakelijke- en overige dienstverlening.

De omzet van de vrouwelijke ondernemingen valt over het algemeen lager uit dan de ondernemingen van mannen. In 2011 had 63% van de vrouwen een omzet onder de €100.000, bij de mannen was dit 44%. Van zowel mannelijke als vrouwelijke ondernemingen wist 5% een omzet te behalen van 5 miljoen euro of zelfs meer.